Door het in voege treden van de richtlijn betreffende de Bazel II akkoorden (januari 2007), en het herzieningsvoorstel hiervan naar aanleiding van de financiële crisis, werden de banken verplicht om hun leningpolitiek te herzien. De Bazel II akkoorden voorzien in een strengere politiek op het vlak van eigen vermogen. Hoe groter het risico bij de toekenning van het krediet, hoe meer eigen vermogen de bank moet aanhouden. Een van de factoren die de crisis zwaar maakt is het liquiditeitstekort dat te wijten is aan een te zwak eigen vermogen. Het is dan ook vrij zeker dat deze regels zullen verstrengen.
De versterking van het eigen vermogen van de banken beïnvloedt zonder twijfel hun toekenningspolitiek wat betreft kredieten aan KMO's.
1. Vraag u bank om voldoende informatie voor en tijdens het kredietcontract. Een belangrijke vraag is de volgende: Welk ratingsysteem past de bank in kwestie toe en wat zijn de componenten die uw risicoklasse bepalen. Uw risicoklasse bepaalt op haar beurt de kredietbeslissing en uw kredietkosten.
Hoewel alle ratingsystemen rekening houden met dezelfde basisfactoren hebben de meeste banken een uniek ratingsysteem met een uniek aantal risicoklassen. Twee verschillende banken kunnen uw te financieren project dus beide een andere waardering geven met een andere kredietkost tot gevolg.
2. Tijdens en na het indienen van het te financieren project is het belangrijk dat u de bank steeds zo veel mogelijk relevante informatie verschaft. Besteed aandacht aan de haalbaarheid van het project en een goede rapportering van de realistische financiële cijfers.
Iedere KMO-klant krijgt bij de banken een score (= rating) die ieder jaar wordt aangepast. De historiek van uw rating zal ook in de toekomst de prijs bepalen. Het feit dat u uw krediet niet op tijd zou terugbetalen kan dus gevolgen hebben voor zowel de nabije als de verre toekomst. Indien er financiële problemen zijn, ga dan met uw bank praten.
|